Theorieën & onderzoekers

Doelstellingentheorie van Locke en Latham

Edwin Locke en Gary Latham toonden vanaf de jaren 60 in tientallen studies aan dat specifieke, uitdagende doelen tot betere prestaties leiden dan vage doelen ("doe je best") of te…

Kern

Edwin Locke en Gary Latham toonden vanaf de jaren 60 in tientallen studies aan dat specifieke, uitdagende doelen tot betere prestaties leiden dan vage doelen ("doe je best") of te makkelijke doelen – mits mensen het doel ook daadwerkelijk accepteren.

Hoe het werkt & toepassing

Vier mechanismen verklaren het effect: een duidelijk doel richt de aandacht, mobiliseert inspanning, verhoogt doorzettingsvermogen, en dwingt mensen een strategie te bedenken om het doel te halen. Voor teams betekent dit dat een concreet, net-buiten-comfortabel doel ("dit kwartaal 15% minder doorlooptijd") meer beweging oplevert dan een algemene ambitie ("beter samenwerken"), zolang het team het doel ook zelf onderschrijft – een van bovenaf opgelegd doel zonder acceptatie mist het effect grotendeels, ongeacht hoe scherp het geformuleerd is. Dit is de theoretische basis onder veelgebruikte praktische kaders als SMART-doelen.

Bronnen en literatuur

Locke, E.A. & Latham, G.P. (1990). A Theory of Goal Setting and Task Performance.

Advertentie