Groepsdynamische onderzoeken

Newcomb’s Bennington College-onderzoek

Theodore Newcomb volgde vanaf 1935 vier opeenvolgende lichtingen studentes van Bennington College, een klein progressief college waarvan de meeste studentes uit behoudende,…

Kern

Theodore Newcomb volgde vanaf 1935 vier opeenvolgende lichtingen studentes van Bennington College, een klein progressief college waarvan de meeste studentes uit behoudende, welgestelde families kwamen.

Opzet en bevindingen

Bij aankomst hadden de meeste studentes de conservatieve politieke opvattingen van hun ouderlijk huis. Naarmate ze langer op Bennington studeerden – in een omgeving met een uitgesproken progressieve staf en oudere studentes als referentiegroep – verschoven hun opvattingen geleidelijk richting liberaal, het sterkst bij studentes die het meest betrokken waren bij het campusleven. Een vervolgstudie decennia later liet zien dat deze verschuiving bij velen blijvend was, ook lang na het verlaten van Bennington.

Betekenis en kritiek

Newcomb toonde aan dat attitudes niet alleen worden gevormd door het ouderlijk huis, maar minstens zo sterk door de referentiegroep waarin iemand zich op een gevoelig moment (hier: jongvolwassenheid) bevindt – en dat zo’n verandering kan beklijven lang na het verdwijnen van die groep. Relevant voor het effect van een nieuwe organisatie- of teamcultuur op iemands opvattingen. Kritiekpunt: Bennington was in de jaren 30 een uitzonderlijk progressieve omgeving, waardoor onduidelijk is hoe sterk hetzelfde effect optreedt in een minder uitgesproken cultuur.

Bronnen en literatuur

Newcomb, T.M. (1943). Personality and social change: Attitude formation in a student community.

Advertentie