Groepsdynamische onderzoeken

Zajoncs Kakkerlakkenexperiment

Robert Zajonc onderzocht in 1969 met een kakkerlakkenexperiment een belangrijke nuance op Tripletts ontdekking dat de aanwezigheid van anderen prestaties beïnvloedt: die…

Kern

Robert Zajonc onderzocht in 1969 met een kakkerlakkenexperiment een belangrijke nuance op Tripletts ontdekking dat de aanwezigheid van anderen prestaties beïnvloedt: die aanwezigheid helpt niet altijd, en kan juist ook schaden.

Opzet en bevindingen

Kakkerlakken moesten door een eenvoudige of een complexe doolhof rennen, alleen of in aanwezigheid van andere kakkerlakken (als toeschouwers achter glas). Bij de eenvoudige doolhof-taak liepen de kakkerlakken sneller wanneer soortgenoten "toekeken"; bij de complexe doolhof-taak (met meer keuzemomenten) waren ze juist trager in aanwezigheid van anderen dan alleen.

Betekenis en kritiek

Zajoncs verklaring (de opwindingstheorie van sociale facilitatie) is dat de aanwezigheid van anderen de fysiologische opwinding verhoogt, wat de meest ingesleten, dominante reactie versterkt – bij een simpele taak is die dominante reactie meestal de juiste (dus sneller/beter presteren), maar bij een complexe, nieuwe taak is de dominante reactie vaak fout (dus juist slechter presteren). Voor teams betekent dit dat toekijkend publiek of een drukke, sociale werkomgeving routinewerk kan versnellen, maar het aanleren van nieuwe, complexe vaardigheden juist kan hinderen – die laatste kun je beter in een rustigere, minder sociaal-geladen setting oefenen. Kritiek: de vertaling van dierexperimenten naar menselijk sociaal gedrag vraagt om voorzichtigheid.

Bronnen en literatuur

Zajonc, R.B., Heingartner, A. & Herman, E.M. (1969). Social enhancement and impairment of performance in the cockroach.

Advertentie