Teammodellen

Kormanski & Mozenter

Kern Kormanski & Mozenter integreerden in 1987 verschillende theorieën in hun model van stadia van teamontwikkeling.

1

Bewustzijn

Leden leren elkaar kennen en verbinden zich, door de doelstellingen van het team te kennen, aan die doelen – men aanvaardt dat men samen moet werken omdat men gezamenlijk over voldoende kennis beschikt. (Taakuitkomst: verbintenis. Relatie-uitkomst: acceptatie.)

2

Conflict

Leden gaan op zoek en stellen vragen, waardoor verschillende vraagstukken verduidelijkt worden; onderlinge onenigheid resulteert in het gevoel bij de groep te willen horen. (Taakuitkomst: verduidelijking. Relatie-uitkomst: erbij horen.)

3

Samenwerking

Leden weten wat hen te wachten staat en zijn sterk betrokken bij de teamdoelen; ruziegevoelens verdwijnen en teamleden ondersteunen elkaar. (Taakuitkomst: betrokkenheid. Relatie-uitkomst: support.)

4

Productiviteit

De fase van daadwerkelijke verwezenlijking van doelstellingen en resultaten – teamleden voelen zich trots op hun prestatie. (Taakuitkomst: behalen. Relatie-uitkomst: trots.)

5

Scheiding

Met het volbrengen van de doelstellingen komt de samenwerking (of de taak) tot een einde. Het werk van de leden wordt erkend en er is een groot gevoel van voldoening. (Taakuitkomst: erkenning. Relatie-uitkomst: tevredenheid.)

Kern

Kormanski & Mozenter integreerden in 1987 verschillende theorieën in hun model van stadia van teamontwikkeling. De fasen zijn sequentieel – elke fase wordt gevolgd door de volgende – en elk stadium heeft een taakuitkomst en een relatie-uitkomst.

De fasen

1. Bewustzijn
Leden leren elkaar kennen en verbinden zich, door de doelstellingen van het team te kennen, aan die doelen – men aanvaardt dat men samen moet werken omdat men gezamenlijk over voldoende kennis beschikt. (Taakuitkomst: verbintenis. Relatie-uitkomst: acceptatie.)

2. Conflict
Leden gaan op zoek en stellen vragen, waardoor verschillende vraagstukken verduidelijkt worden; onderlinge onenigheid resulteert in het gevoel bij de groep te willen horen. (Taakuitkomst: verduidelijking. Relatie-uitkomst: erbij horen.)

3. Samenwerking
Leden weten wat hen te wachten staat en zijn sterk betrokken bij de teamdoelen; ruziegevoelens verdwijnen en teamleden ondersteunen elkaar. (Taakuitkomst: betrokkenheid. Relatie-uitkomst: support.)

4. Productiviteit
De fase van daadwerkelijke verwezenlijking van doelstellingen en resultaten – teamleden voelen zich trots op hun prestatie. (Taakuitkomst: behalen. Relatie-uitkomst: trots.)

5. Scheiding
Met het volbrengen van de doelstellingen komt de samenwerking (of de taak) tot een einde. Het werk van de leden wordt erkend en er is een groot gevoel van voldoening. (Taakuitkomst: erkenning. Relatie-uitkomst: tevredenheid.)

Advertentie